De burmees duikt al op in een veertiende-eeuwse Siamese kattenbundel onder de naam 'Thong Daeng'. De gedocumenteerde fokgeschiedenis begint pas in 1930, toen de bruine poes Wong Mau vanuit het Verre Oosten naar de Verenigde Staten werd meegenomen.
Wong Mau werd daar gekruist met Siamezen. Uit die nesten kwamen drie verschillende typen kittens: enkele met Siamese aftekening, enkele die op hun moeder leken, en enkele egaal donkerbruine dieren. Alleen die laatste groep bleek raszuiver door te fokken, en vormde de basis van de burmees zoals we die nu kennen. De CFA begon in 1936 met registreren; door te veel uitkruising met Siamezen werd de erkenning tien jaar later tijdelijk ingetrokken en pas eind jaren vijftig hervat, met championshipstatus in 1959.
Vanuit de Verenigde Staten verspreidde het ras zich naar Engeland en de rest van Europa, waar fokkers een slanker, langsnuitiger type gingen fokken dan het compactere Amerikaanse type.
In Europa het volledige spectrum: bruin (sable), blauw, chocolate, lilac, rood, crème en de bijbehorende schildpadvarianten. Amerikaanse lijnen beperken zich doorgaans tot bruin, blauw, chocolate en lilac.
Burmees in het kort
- Herkomst
- Myanmar (Birma) en Thailand, doorgefokt in de Verenigde Staten
- Erkenning
- CFA-registratie vanaf 1936, championshipstatus in 1959
- Gewicht kater
- 4 – 6 kg
- Gewicht poes
- 3 – 4,5 kg
- Levensverwachting
- 12 tot 16 jaar
- Vacht
- Kort, glanzend en satijnachtig aanliggend, met weinig ondervacht
- Karakter
- hechting, zacht, spraakzaam
- Prijsindicatie
- €600 – €1.100
- Ook bekend als
- Burmese cat
Gewichten zijn richtwaarden voor volwassen dieren.